Politiek & Zorg

Over een krappe week verkiezingen en er gaat veel aandacht naar de stijgende zorgkosten. Gelukkig besteedde de landelijke pers aandacht aan het feit dat 75 % van de artsen tegen concurrentie in de zorg zijn. Ik ben het daar van harte mee eens.

shapeimage_1 (1)Concurrentie betekent: kijken wat een collega doet en dan roepen dat je het beter of goedkoper kunt. Dat betekent dat de zieke een consument is die een product koopt, liefst het beste en ook nog het goedkoopste. Dat is mooi als u zelf al een diagnose hebt (ik wil een nieuwe heup, want mijn oude is versleten), maar wie bepaalt dan wat het beste is of het goedkoopste? De zorgverzekeraar? de arts? Elsevier of het AD?

Nog moeilijker wordt het als u een paar dagen koorts heeft en wilt weten of u iets ernstigs mankeert of dat u alleen nog wat moet uitzieken. Wie is dan de beste? Het is dan belangrijk dat u kunt vertrouwen op het oordeel van uw arts. En als uw eigen arts er niet is, dan wilt u even goed kunnen vertrouwen op zijn waarnemer. Het is dan belangrijk dat artsen samenwerken en overleggen en aan elkaar overdragen, maar niet elkaars vliegen afvangen.

We hebben het gezien in verschillende sectoren. Neem bijvoorbeeld de mobiele telefonie: Moordende concurrentie tussen de verschillende aanbieders; Gouden beloftes en ondoorzichtige contracten, maar uiteindelijk heeft de OPTA of Nelie Kroes de prijzen naar beneden gedwongen. Zo zal er in de zorg ook gekeken moeten worden, waar de kostenstijging vandaan komt en die proberen te beteugelen.

Dat is natuurlijk eenvoudiger gezegd dan gedaan. Natuurlijk gaan ziekenhuizen al prijsbewust om met bijvoorbeeld kunstheupen. De 95-jarige rolstoelpatiënt, die een heup breekt zal een andere-goedkopere heup geïmplanteerd krijgen dan de kwieke 60-jarige die een versleten heup heeft en nog 30 jaar wil lopen. Maar ook ziekenhuizen zijn inmiddels bedrijven, met veel administratieve taken en dus personeel, met elektronische dossiers op computernetwerken die beveiligd moeten worden.

Verder moet er steeds vaker voldaan worden aan protocollen en zorgpaden. Fouten moeten voorkomen worden en dus worden er steeds meer controles en zekerheden ingebouwd. Extra foto’s, extra onderzoeken, second opinions, die allemaal geld kosten. Let wel ! Niet dat ene foto’tje kost zoveel geld, of dat extra onderzoek als er twijfel is, maar de organisatie om uit gewoonte steeds meer foto’s te maken voor “je weet maar nooit” , of de second opinion voor “2 weten meer dan 1” slokt steeds meer geld.

Zo zijn er veel meer gebieden waar kritisch naar gekeken moet worden. Met gezamenlijke inspanning van artsen en bestuurders en zorgverzekeraars en overheid. Ik zou willen pleiten voor een overheid die meer reguleert en niet de zorgverzekeraar die alleen aan zijn eigen winst denkt of de concurrerende arts die samenwerking in de weg staat.